Norwegian wood - Han Salden

Norwegian wood

8 augustus 2015

 

Enkele rotsen verderop is het ideale plekje aan het water. Een plat zitvlak met enige rugondersteuning. Een sluier van rust valt over mij heen. In het begin dwarrelen er nog wat geluiden door mijn gedachtenwereld, maar na enige tijd is het alsof een deur achter mij dichtvalt. Alsof ik het straatlawaai op een koude winterdag achter me laat en binnentreed in een warme en geborgen omgeving. Voor even weg van het toneel opgelegd door het leven. Ik lijk nu pas te kunnen waarnemen. Mijn zintuigen ontwaken uit een soort verdoving. Het is alsof de ruimte om mij heen met een razend tempo groter wordt.

 

In de verte liggen pittoreske houten huisjes hier en daar verspreid aan de voet van de bergen. Kleurrijk. Donkerrood, hemelsblauw en geel. Er dobberen bootjes aan een aanlegsteigertje. Geduldig wachtend als een stilleven in een schilderij. Het water ligt bijna rimpelloos als een uitgestrekt laken aan mijn voeten. De nevel zwevend over het water, versterkt de stilte. In de schaduw is het fris. Ik rits het laatste stukje van mijn zwarte fleece trui dicht en sla de armen om mijn knieën. Blijkbaar een intuïtieve manier om de lichaamswarmte vast te houden.

In het Oosten kruipt de zon sloom over de toppen van de immens hoge rosten. Naaldbomen zetten zich schrap tegen de steile wanden en in de verte kwettert een enkele vogel. Kort en ingetogen, alsof hij bang is de rust te verstoren. Aan de oever glijdt geluidloos een kwal voorbij. Zijn kraag gaat traag met sierlijk bewegingen op en neer. Een eenvoudig wonderlijk en harmonieus tafereel. Het verdrijft het laatste stukje mist in mijn gedachten.

 

Het zijn dit soort momenten. Alsof er dan pas ruimte en permissie is. Alsof ik dan pas toesta mezelf te ontmoeten. De persoon in de persoon. Steeds sluimerend, om ineens helder aanwezig te zijn. De ontwaking uit een roes. In gesprek met mijn gedachten. Om enige rust te brengen in de chaos. Om de essentie weer te hervinden. Om mijn eigen plek weer te ontdekken.

 

In het kraakheldere water zijn vissen op zoek naar hun ontbijt, terwijl moeder eend, bezorgd om zich heen kijkend, met haar kroost voorbij drijft. Op enige afstand twee witte zwanen. Het mannetje voorop, het iets kleiner vrouwtje blijft er steeds schuin achter. Ze lijken onlosmakelijk met elkaar verbonden. Traag, elegant en met enige bravoure, bewegen zij zich over het water. Als heersers over dit fjord.

Vogels, vissen, bomen, torenhoge rotsen in de greep van een onzichtbare rust. Zittend op een rots voel ik mij nietig en klein. Als een toeschouwer. De natuur trekt haar eigen plan. De mens doet hier niet meer mee. Hij heeft zichzelf buiten spel gezet. De natuur is voelbaar aanwezig. Krachtig maar ook heel fragiel. Breekbaar, binnen handbereik van de destructieve mens. Mijn euforie en blijdschap dreigen te verdrinken in een gevoel van machteloosheid. Onwillekeurig dringt muziek mijn gedachtenwereld binnen.” I once had a girl, or should I say, she once had me”. Flirten wij met de natuur, of is ons leven één groot overspel?

 

De zo vertrouwde pen in mijn rechterhand, lijkt nu ineens een vreemd object. Misplaatst in deze omgeving. Het zet mij op afstand. Met een onbehaaglijk gevoel klik ik de pen enkele malen in en uit. Het geluid knettert in de ruimte en dooft meteen uit. Zonder vooraankondiging wordt de blijkbaar niet goed aangedraaide bovenkant rakelings langs mijn linkerwang gelanceerd. De plastic deeltjes komen tot rust tegen een weerbarstige rots. Verward ga ik op zoek naar het ontbrekende veertje. Blijkbaar is het zijn eigen weg gegaan. Ik geef het op.

 

Ik zie haar nog staan. Bovenaan de trap aan het einde van de lange gang van het schoolgebouw. Zo helder voor mijn ogen. Alsof de tijd dertig jaar heeft stilgestaan. Mijn ogen moeten even wennen aan het lichtschijnsel van het raam schuin achter haar. Haar linkerhand, enige houvast zoekend in deze onwennige situatie, ligt ontspannen en elegant op de trapleuning. Ze houdt haar hoofd een beetje schuin. Op haar lippen verschijnt een speels lachje. Donkerblond haar hangt losjes tot op haar schouders. Door de vragende beweging van haar hoofd valt een haarlok half over haar blanke wang. Het smalle bandje van haar topje ligt lief en onschuldig tussen de licht gebruinde welving van het sleutelbeen en de afronding van haar arm. De prachtige gladde huid van haar half ontblote schouder schittert in het zonlicht. Een nieuw soort verlangen ontwaakt. Haar woorden bewegen steeds langzamer door de ruimte. Alsof de wereld haar vaart vertraagt tot ze stil blijft staan. Alsof ik in enkele seconden door het donkere heelal word geslingerd, langs de stilstaande aarde, barrières doorkruis en beland op een instabiele hoogte.

 

Een vis duikelt in het water. Traag en met enige tegenzin begint de aarde aan een nieuwe omwenteling. Beelden vervagen. Het mooie gevoel ijlt na. Een vleugje wind bladert in mijn notitieblokje, dat vol overgave en verwondering naast mij ligt. Veilig en geborgen in een kuiltje van de onderliggende rots. Alsof de natuur op deze manier haar acceptatie en liefde wil tonen. De lege bladzijden met blauwe lijntjes en rode kantlijn geven een gevoel van verbinding. Het woordenloze witte papier is als een emotionele communicatie. Ontroerd kijk ik ernaar. Roerloos, de teleurstelling vermijdend, dit fragiel gebeuren te verstoren. Na enige tijd tasten mijn ogen omzichtig de nabije omgeving af. In een poging dromen en werkelijkheid te verzoenen ga ik op weer zoek naar de missing link.

 

© 2015 Han Salden

Auteur

Han Salden

The Beatles - Norwegian wood